Tulpenbollen eten

Tulpenbollen eten

Iedere Nederlander kent het verhaal wel: in de Tweede Wereldoorlog was er zo’n grote hongersnood, dat mensen zelfs tulpenbollen aten. En lekker was dat niet. Tulpenbollen eten, dat doe je niet voor je plezier, dat doe je omdat je niks anders hebt.

Veel mensen herinneren zich nog hoe vies de tulpenbollen die ze destijds aten smaakten. Ook bij Fluwel kennen we de verhalen. In ons themapark Tulpenland horen we ze ook nog vaak van bezoekers. Het heeft zo’n indruk gemaakt, dat mensen het soms naar vinden om tulpenbollen terug te zien, ook al weten ze dat wij die alleen voor bloemen gebruiken.

Tulpenbollen eten in de oorlog

In de Tweede Wereldoorlog raakte het noorden van Nederland afgesloten van de voedseltransporten. Nadat de geallieerden het zuiden hadden bevrijd, stopte de opmars bij de grote rivieren (de Slag om Arnhem), eind 1944. Tot overmaat van ramp was de winter van dat jaar erg streng. Aan alles was gebrek: brandstof, geneesmiddelen, kleding en voedsel. Het was een harde tijd.

De bloembollen waren in het laatste oorlogsjaar niet meer opnieuw geplant. In de schuren lagen dus grote voorraden tulpenbollen die niet meer werden verkocht. Al snel werden deze voorraden aangesproken om als vervangend voedsel te dienen. In de kranten verschenen recepten. Tulpenbollen eten was niet heel gezond, meer dan drie bollen per dag eten werd dan ook afgeraden; de bollen waren wel voedzaam en ze waren ook snel gaar, wat weer brandstof scheelde.

Tulpenbollen eten in de oorlog
Tulpenbollen als voedsel
Tulpenbollen eten, hoe smaakt het?

Tulpenbollen eten, hoe smaakt het?

De tulpenbollen die in de Tweede Wereldoorlog gegeten werden waren oud en droog. Ze zijn eigenlijk niet te vergelijken met verse bollen. Het is dan ook niet gemakkelijk om de smaak voor te stellen. Verse tulpenbollen zijn wat zoetig, iets weeïg, maar niet echt onsmakelijk; wie zich de tulpenbollen uit de oorlog herinnert zal wel kunnen vertellen dat de oorlogsbollen droog en bitter smaakten.

Tulpenbollen eten hoeft dus geen straf te zijn, als je maar verse (en onbespoten) tulpenbollen gebruikt. Helaas was daar in de Tweede Wereldoorlog geen sprake van. Het is goed dat deze droevige geschiedenis niet vergeten wordt. Nederlandse kinderen krijgen het nog altijd te horen: je hebt geen honger, je hebt trek. In de oorlog, toen was er honger. En als je honger hebt eet je alles, ook uitgedroogde tulpenbollen.

Gelukkig kunnen wij tegenwoordig de tulpenbollen weer gebuiken waarvoor ze bedoeld zijn: het planten van prachtige tulpen. Wij hopen dat onze tulpenvelden, maar ook onze andere bloemen, zoas narcissen, dahlia's of hyacinten, de nare herinneringen aan de tulpenbollen een klein zilveren randje kunnen geven.